Cedar Gallery


Cedar info  |   Nieuws   |  Educatie  |   Links   |  Vriend/Donateur   |  Contact | Engels

 

                                                                                                                             

                                                                                                                            

 

Hier vindt u uiteenlopende informatie over film, theater, tentoonstellingen, concerten,dans… Kortom,  de Agenda is een interactieve agenda voor iedereen die geïnteresseerd is in culturele evenementen in Nederland en België.
U kunt uw bijdragen zenden naar   cedars@live.nl
Er rust copyright op al het gebruikte fotomateriaal.

      NEDERLAND                          BELGIË

 

 

NEDERLAND

Amsterdam     -     Den Haag     -     Rotterdam     -     Utrecht     -     Overig
 

 

 

 

Amsterdam

 

 
Kees van Dongen, Lady in black hat, 1908  en  Henri Matisse, Woman in Green, ca. 1909
Staatsmuseum De Hermitage, St.-Petersburg

Matisse tot Malevich: Pioniers van de moderne kunst uit de Hermitage

Topstukken van Matisse, Picasso, Van Dongen, De Vlaminck, Derain en nog vele andere tijdgenoten schitteren van 6 maart t/m 17 september 2010 in de Hermitage Amsterdam in de tentoonstelling Matisse tot Malevich. Pioniers van de moderne kunst uit de Hermitage. Voor deze tentoonstelling zijn circa 75 schilderijen geselecteerd uit de Hermitage St.-Petersburg, die een van de mooiste collecties Franse schilderkunst ter wereld uit het begin van de twintigste eeuw herbergt. Behalve de wereldberoemde Franse meesters zullen ook even beroemde Russische tijdgenoten als Malevich en Kandinsky zijn vertegenwoordigd. Deze kunstenaars gelden met elkaar als de pioniers van het modernisme. Bijna alle getoonde werken behoren tot de vaste presentatie in St.-Petersburg. De meeste komen oorspronkelijk uit de Moskouse verzamelingen van Morozov en Sjtsjoekin. Het is voor het eerst dat deze omvangrijke collectie avant-garde meesterwerken in Nederland getoond wordt. In de tentoonstelling krijgt het ontstaan van de moderne kunst als kunsthistorisch verschijnsel aandacht, maar vooral ook de bezieling van de kunstenaars zelf , toen zij aan het begin van de vorige eeuw een revolutie in de kunst ontketenden, een cruciaal moment in de kunstgeschiedenis.

Morozov en Sjtsjoekin
De oorsprong van deze belangrijke collectie van de Hermitage ligt in handen van de beroemde Russische kunstverzamelaars Iwan Morozov (1871-1921) en Sergei Sjtsjoekin (1854- 1936), beiden textielhandelaar. Zij brachten de Franse kunst naar Rusland in hun verlangen de vaderlandse kunst op een volkomen ander spoor te brengen. Van hen ging een grote stimulerende werking uit. Sjtsjoekin was de opvallendste verzamelaar van zijn tijd; niemand anders heeft zoveel werken van Picasso (51) en Matisse (37) gekocht. Morozov en Sjtsjoekin durfden het aan de revolutionaire werken – met soms nog natte verf – aan te kopen en beheersten tijdens de eeuwwisseling het kunstleven in Moskou. Wat zij aankochten werd in hun eigen huis op gezette tijden tentoongesteld. Zo konden jonge Russische kunstenaars zich informeren over wat er in Frankrijk in zwang was. Door het aanbreken van de Eerste Wereldoorlog kwam er een einde aan het verzamelen. Tijdens de Oktoberrevolutie van 1917 werden de twee collecties onteigend en in 1948 kreeg de Hermitage St.- Petersburg een groot deel ervan in beheer. In een documentaire presentatie in een van de tentoonstellingsruimtes van de Hermitage Amsterdam krijgt de bezoeker een beeld van de levens van beide collectioneurs en inzicht in hun eigenzinnig en vooruitstrevend verzamelbeleid.


Picasso Room in the Shchukin Mansion in Moscow, photo by Orlov, 1913

Kunstenaars als Matisse, Picasso, Derain, De Vlaminck en Van Dongen waren op zoek naar vernieuwing, naar bevrijding van de natuur en van de academische tradities in de schilderkunst. Zij vormden de eerste belangrijke avant-gardestroming van de twintigste eeuw, die in de Franse schilderkunst rond 1900 ontstond als een reactie op het impressionisme en pointillisme. Felle kleuren en kleurcontrasten, ruwe penseelvoering, vereenvoudigde vormen, en gedurfde vertekeningen kenmerkten de vernieuwing. Licht en schaduw werden zonder tussentinten en zonder zachte overgangen weergegeven. In de traditionele schilderskunst wilden de kunstenaars de driedimensionale ruimte nog laten zien. Voor de pioniers was dat niet belangrijk meer, daar was immers de fotografie voor. Met hun werk riepen de schilders emotionele reacties op. Matisse, de meest begaafde en invloedrijke, was het middelpunt van de groep schilders die fauvisten, ‘wilde dieren’, werd genoemd. Maar liefst 12 schilderijen en 4 sculpturen van hem zijn straks op de tentoonstelling te zien (o.a. De rode kamer, fotovel 02, Jeu-de-boules, fotovel 01).

Picasso is vertegenwoordigd met 12 schilderijen (o.a. De absintdrinkster, fotovel 08, Tafel in een café, fotovel 09). Hij experimenteerde gedurende zijn lange en vruchtbare leven constant met nieuwe technieken en legde vanaf 1907 de basis voor het kubisme. Een hardere en strakkere uitdrukkingswijze en gebruik van dikke verflagen typeerden deze nieuwe stijl.

Kandinsky (o.a. Winterlandschap, fotovel 05) ontmoette Picasso en Matisse in Parijs en was zeer onder de indruk van de kleureffecten in hun werk, maar werd ook beïnvloed door de muziek (Schönberg). Hij wilde nog meer zijn eigen gevoel en expressie weergeven, hij hoorde de kleuren van de muziek en zijn kleuren riepen muziek op. Malevich ging nog een stap verder. Nadat hij in aanraking was gekomen met al het nieuws van de twintigste eeuw, bracht hij uiteindelijk alles, de natuur, het leven, het ‘zijn’ terug tot een geometrisch vlak (Zwart vierkant, fotovel 12).


Henri Matisse, De Rode Kamer, 1908
Staatsmuseum De Hermitage, St.-Petersburg

De Hermitage
Amstel  51
Amsterdam
Open: Dagelijks van 10:00 - 17:00 uur en op woensdag tot 20:00 uur. De Hermitage Amsterdam is gesloten op 25 december, 1 januari en 30 april.
Van 1 februari t/m 5 maart 2010 is de Hermitage Amsterdam gesloten voor de opbouw van de volgende tentoonstelling Matisse tot Malevich
06.03.10 – 17.09.10

-----------------------------------------------------------------------------------------------------------------  top ----

Boekontwerpen

Irma Boom (1960) ontwerpt behalve boeken ook huisstijlen, jaarverslagen, postzegels en vrij werk in de openbare ruimte. Voor haar werk ontving Boom allerlei onderscheidingen, waaronder bekroningen bij de 'Best Verzorgde Boeken' en de prestigieuze Gutenberg Preis.
Bij Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam is haar eerste overzichtstentoonstelling te zien met behalve bekende highlights ook voorstudies en 'mislukkingen'.  Ook koos Boom nog enkele boeken uit de Bijzondere Collecties die raakvlakken hebben met haar werk, waaronder oude miniatuurboekjes en Goethes kleurenleer.

Oude Turfmarkt 129 (Rokin)
Amsterdam
Open: di-vr 10-17u, za en zo 13-17u
t/m 03.10.10

-----------------------------------------------------------------------------------------------------------------  top ----

Joan Miró en Jan Steen

Voor het eerst is de reeks Hollandse interieurs van Joan Miró (1893-1983) in Nederland te zien. Miró reisde in 1928 naar Nederland en bezocht onder meer het Rijksmuseum. Twee interieurscènes van de 17de eeuwse Hollandse meesters Hendrick Sorgh en Jan Steen inspireerden hem vervolgens tot een reeks van drie schilderijen, die een hoogtepunt vormt in Miró’s vroege surrealistische oeuvre. De Hollandse interieurs, met de schetsen en voortekeningen die Miró maakte, zijn nooit eerder samen getoond met de 17de-eeuwse voorbeelden en in de oorspronkelijke context waaruit hij inspiratie putte. Met deze presentatie verbindt het Rijksmuseum op unieke wijze kunst uit het verleden met het heden.
In mei 1928 reisde Miró uit Parijs naar Nederland waar hij onder meer het Rijksmuseum bezocht. Twee prentbriefkaarten nam hij mee naar huis: kleurenreproducties van De luitspeler van Hendrick Martensz. Sorgh (1661) en Kinderen leren een poes dansen (De dansles) van Jan Havicksz. Steen (c. 1660-1679) die tot de collectie van het Rijksmuseum behoren. In beide schilderijen is een muzikant de centrale figuur, geflankeerd door een of meerdere toehoorders en een poes en hond. In de Hollandse interieurs voert Miró deze figuren zijn eigen, surreële verbeeldingswereld binnen en laat de scènes een complete metamorfose ondergaan.
In de zomer van 1928, tijdens een verblijf in zijn atelier op de familieboerderij in het Catalaanse Montroig, gebruikte Miró deze twee prentbriefkaarten als uitgangspunt voor drie schilderijen die de titel Hollands interieur kregen. Anders dan zijn gewoonte om heel spontaan te werken, maakte hij een uitgebreide reeks schetsen en voortekeningen. De schilderijen bevinden zich tegenwoordig in de collecties van het Museum of Modern Art (New York), de Peggy Guggenheim Collection (Venetië) en het Metropolitan Museum of Art (New York). De prentbriefkaarten, schetsen en voortekeningen werden in de jaren ’70 door Miró geschonken aan het Museum of Modern Art en de Fundació Joan Miró (Barcelona). Dit studiemateriaal geeft een uniek inzicht in de transformatie die Miró de 17de eeuwse voorbeelden laat ondergaan.
Met deze ‘creatieve kopieën’ sloot Miró aan bij een lange traditie van kunstenaars die meesterwerken van voorgangers opnieuw interpreteren en gebruiken als inspiratiebron voor het creëren van nieuwe kunstwerken. De collectie van het Rijksmuseum heeft in heden en verleden vaak als inspiratiebron gediend, maar de ontmoeting tussen Miró en de Hollandse meesters van de genreschilderkunst vormt een zeldzaam kunsthistorisch hoogtepunt. De presentatie is een intrigerende en verrassende confrontatie van de Hollandse Gouden Eeuw met de avant-garde van de 20ste eeuw. Jan Steen behoort tot de grote meesters van de Hollandse Gouden Eeuw en is vooral bekend om zijn vaak humoristische scènes van het dagelijks leven. Eind jaren ‘20 genoot hij grote faam en werden een belangrijke tentoonstelling en publicaties aan hem gewijd. Joan Miró werd al in de jaren ‘20 beschouwd als een van de belangrijkste vertegenwoordigers van het surrealisme in de schilderkunst en is een van de meest invloedrijke en beroemde kunstenaars van zijn generatie geworden.

De tentoonstelling Miró: The Dutch Interiors, is vervolgens van 4 oktober 2010 - 17 januari 2011 te zien in The Metropolitan Museum in New York.

 Rijksmuseum
Jan Luijkenstraat 1
1071 CJ Amsterdam
 open: ma t/m zo 9.00-18.00, vr tot 22.00 uur, gesloten op 1 januari, , entree € 10,00 (t/m 18 jaar en museumkaart gratis; groepen min. 15 personen 20% korting)
17.06.10 t/m 13.09.10

-----------------------------------------------------------------------------------------------------------------  top ----
 

Lezingen organiseren?

Op zoek naar lezingen voor een volgend jaarprogramma van uw volksuniversiteit, bibliotheek of vereniging? U vindt elders op onze site tal van lezingen, o.a. over de Transmongolische spoorlijn, de Zijderoute en Kunst in Moskou en Beijing.
Neem een kijkje op Educatie voor meer informatie.

-----------------------------------------------------------------------------------------------------------------  top ----


Erwin Olaf, 'De moeder' uit serie: Dawn

Erwin Olaf: Dusk & Dawn

De presentatie bestaat uit 12 werken en is te zien op de eerste verdieping van de Keizersvleugel. In deze serie liet Olaf zich inspireren door de foto’s van fotografe Frances Benjamin Johnston. In 1899-1900 fotografeerde zij zwarte Amerikaanse leerlingen van het Hampton Instituut in Virginia. Hun levensverhaal kende toen nog geen andere kleur dan het lot van vrijgekomen slaven. In haar uitgekiende esthetiek laat Johnston de wereld zien dat een schone toekomst wel degelijk voor deze leerlingen binnen handbereik ligt.

In DUSK plaatst Erwin Olaf ons aan het begin van de twintigste eeuw, waarin een upper middle class gezin met donkere huidskleur is geportretteerd. De serie voelt als een verlicht eindpunt van een lange weg naar een bevrijde wereld; een sociaal paradijs.

In DAWN laat Olaf dezelfde scènes zien, alleen plaatst hij de scènes in Rusland aan het begin van de twintigste eeuw en bovendien in een volkomen bleek palet. De inspiratie kwam op een ochtend in Moskou waar Olaf in een vijfsterrenhotel verbleef. In een riante ontbijtruimte kwam een blanke vrouw binnen met haar zoon. Beiden waren blond en droegen witte kleding. Gezeten aan een tafel met een wit laken, op witte stoelen en omringd door hoge karakterloze witte muren, zag Olaf de pendant van DUSK ontstaan. Hiermee werd DAWN de esthetische spiegel van DUSK.

In zowel binnen- als buitenland staat Erwin Olaf (1959) bekend als een van de meest opzienbarende hedendaagse fotografen. Met sublieme ironie weet hij onze illusie van vrijheid bloot te leggen. Dat geldt voor zijn confronterende, beeldende series evenzeer als voor zijn recente, meer serene werk, waarin hij aantoont hoe we gevangen zijn in de censuur die we onszelf opleggen. Behalve op fotografie richt Olaf zich ook op het produceren van films en video’s. Daarnaast wordt hij vaak gevraagd voor internationale wervingscampagnes. Olaf heeft ontelbare publicaties op zijn naam en won vele onderscheidingen. Hij wordt vaak gevraagd voor internationale media als New York Times Magazine, Sunday Times, Elle en Vanity Fair. Onlangs publiceerde de prestigieuse Aperture Foundation de monografie Erwin Olaf. Zijn werk wordt in belangrijke internationale tentoonstellingen geëxposeerd, bijvoorbeeld in het Museum of the City of New York, het Chelsea Art Museum, New York, het Museum of Contemporary Canadian Art, Toronto of het Maison européenne de la photographie, Parijs. Erwin Olaf wordt vertegenwoordigd door Flatland (Utrecht / Parijs).
DUSK & DAWN is gratis toegankelijk voor bezoekers van de Hermitage Amsterdam, op vertoon van een geldig entreebewijs.

Hermitage Amsterdam
Amstel 51
1018 EJ Amsterdam
open: ma t/m zo 10.00-17.00, gesloten op 25 dec en 1 jan, entree € 6,00
11.06.10 t/m 12.09.10

-----------------------------------------------------------------------------------------------------------------  top ----


Gerrit Berckheyde, 'Gouden bocht in de Herengracht in Amsterdam, 1672

De Amsterdamse grachtengordel. De uitbreiding van Amsterdam in de Gouden Eeuw

Het Rijksmuseum toont schilderijen, prenten en tekeningen van de spectaculaire stadsuitbreiding van het 17de-eeuwse Amsterdam. Uit eigen collectie zijn een aantal plattegronden te zien met de uitbreiding waartoe in 1662 was besloten. Centraal in deze presentatie staan zes gezichten van Gerrit Berckheyde op het rijkste stuk van de nieuwe stad, de Gouden Bocht van de Herengracht.
De vier schilderijen en twee tekeningen van Berckheyde, uit eigen collectie en die van het Stadsarchief en de Collectie Six, geven een prachtig beeld van één van de mooiste gedeelten van de Amsterdamse grachtengordel. Drie keer legde Berckheyde de bocht vast vanaf de Leidsestraat en drie keer vanaf de Vijzelstraat. Rond 1672 waren een deel van de percelen nog onbebouwd, hetgeen leidt tot zonnige ‘doorkijkjes’. De schilder besteedde veel aandacht aan de huizen, maar storende zaken liet hij weg. Op een tekening heeft hij daarom alleen aan de noordzijde bomen getekend en aan de andere kant lantaarnpalen, toen een zeer recente uitvinding. Zo versterkte hij de indruk van een echte woongracht met standing.
De Herengracht kende tussen Vijzelstraat en Leidsestraat extra diepe percelen. Bovendien werd de mogelijkheid geboden om dubbel zo brede panden te bouwen door twee percelen naast elkaar te kopen. Vanaf 1663 werd de bouwgrond vrijgegeven. Rond 1685 waren alle terreinen bebouwd. Het was het meest chique stukje Amsterdam geworden, vandaar de naam ‘Gouden Bocht’.
De presentatie De Amsterdamse grachtengordel. De uitbreiding van Amsterdam in de Gouden Eeuw toont ook een aantal mooie plattegronden van de grachtengordel, onder meer van Daniel Stalpaert uit 1662 die op zes losse vellen zijn gedrukt en die een groot overzicht geven van de stadsuitbreiding. Lang was Amsterdam een stad als veel andere. Maar aan het einde van de 16de eeuw groeide de handel spectaculair. Steeds meer mensen wilden in Amsterdam wonen, uiteindelijk ruim 200.000 omstreeks 1672. Ook voor de havens en de talloze pakhuizen was voortdurend meer ruimte nodig. In 1585 en een paar jaar later breidde de stad al uit, maar tussen 1610 en 1620 verdubbelde de stad alweer inomvang. In 1662 werd besloten tot de laatste stadsuitbreiding. De drie reeds bestaande grachten werden toen doorgetrokken. Zo ontstond het beeld van een halve maan: de nu zo beroemde grachtengordel – kandidaat voor de UNESCO-werelderfgoedlijst.

Rijksmuseum
Jan Luijkenstraat 1
1071 CJ Amsterdam
 open: ma t/m zo 9.00-18.00, vr tot 22.00 uur, gesloten op 1 januari, , entree € 10,00 (t/m 18 jaar en museumkaart gratis; groepen min. 15 personen 20% korting)
01.06.10 t/m 06.09.10

-----------------------------------------------------------------------------------------------------------------  top ----

 

 

Den Haag

Marco van Duyvendijk: Eastward Bound

Als iets de foto’s van Marco van Duyvendijk kenmerkt, is het wel het uitbundige kleurgebruik. Oost-Europa grijs en grauw? De woeste steppen van Mongolië kaal en kleurloos? Niet door de lens van Van Duyvendijk. De fotograaf neemt ons mee op zijn reizen naar het oosten, waar hij een verrassende wereld vastlegt. Het door conflict geteisterde landschap van Nagorno-Karabach, fascinerende steden in China, maar bovenal toont Marco van Duyvendijk de ziel van de landen waar hij komt in de portretten die hij maakt, gezichten waarin oude werelden en de moderne tijd samenkomen.
Na zijn studie psychologie vertrekt de dan 25-jarige Marco van Duyvendijk (1974) naar Roemenië om zich daar een jaar lang te richten op fotografie. Hij ontmoet er een meisje, de dertienjarige Oana. Net als hij zwerft ze door de straten: hij op zoek naar foto’s, zij vluchtend voor haar alcoholistische moeder. Van Duyvendijk wil Oana leren kennen, maar hij aarzelt: wil hij wel zien hoe haar leven is? Pas na een week durft hij een foto te maken, de eerste van wat later een serie zal worden. Niet over armoede, maar over de ontluikende vriendschap tussen twee jonge mensen uit totaal verschillende werelden.
In de jaren die volgen ontstaat een bijzonder en coherent oeuvre, dat in het Fotomuseum Den Haag voor het eerst in zijn geheel wordt getoond. Kinderen en jongeren zijn de rode draad in Van Duyvendijks werk, dat hem over een periode van tien jaar naar onder andere Roemenië, Mongolië, China en Japan heeft gebracht. In ieder land zoekt hij naar sporen van folklore, tekenen van verandering en signalen van de moderniteit. Dat hierin een ‘westerse’ blik doorschemert ontkent hij niet, maar elk land dat hij bezoekt maakt hem bescheidener over zijn eigen waarden en denkbeelden. In de kunst, dus ook in zijn eigen foto’s, ziet hij een open verbinding tussen Oost en West. In die wederzijdse beïnvloeding voelt Van Duyvendijk zich thuis.
Marco van Duyvendijk is een ‘langzame’ fotograaf. Liefst werkt hij maanden, soms jaren, aan een serie. Toch is er na tien jaar genoeg werk voor een retrospectieve van het indrukwekkende begin van een carrière. In Eastward Bound staan sfeer en kleur centraal. Hij beperkt zich niet tot één genre en wisselt reis-, documentaire- en portretfotografie af. Maar steeds is zijn werk gekenmerkt door de beheersing en zorgvuldigheid van een invoelende en intelligente fotograaf, die de tijd neemt voor zijn onderwerpen.

Bij de tentoonstelling verschijnt een rijk geïllustreerde publicatie, vormgegeven door Rick Vermeulen en met bijdragen van Wim van Sinderen, Olaf Tempelman, Weina, en Marco van Duyvendijk (€ 45).

Fotomuseum Den Haag
Stadhouderslaan 43
Den Haag
open: di t/m zo 12.00-18.00, gesloten op 25 dec en 1 jan, entree € 5,00
24.04.10 t/m 22.08.10

-----------------------------------------------------------------------------------------------------------------  top ----

Lezingen organiseren?

Op zoek naar lezingen voor een volgend jaarprogramma van uw volksuniversiteit, bibliotheek of vereniging? U vindt elders op onze site tal van lezingen, o.a. over de Transmongolische spoorlijn, de Zijderoute en Kunst in Moskou en Beijing.
Neem een kijkje op Educatie voor meer informatie.

-----------------------------------------------------------------------------------------------------------------  top ----

 

Rotterdam

 


Joop Zoetemelk, foto Cor Vos

Tour Experience

Hollands wielerglorie

De Kunsthal Rotterdam pakt deze zomer uit met een grote familietentoonstelling over de Tour in het kader van Le Grand Départ du Tour de France in Rotterdam van 1 tot en met 4 juli. In een spectaculair tentoonstellings-ontwerp dat de route van de Tour de France 2010 verbeeldt, worden historische en heroïsche momenten uit de Nederlandse tourgeschiedenis belicht. Legendarisch fotomateriaal van dé Nederlandse wielerfotograaf Cor Vos is te zien, naast polygoonjournaals, interviews met renners en krantenartikelen van de afgelopen decennia.

‘Tour Experience’ bevat bijzondere wielervoorwerpen, waaronder de gele trui van Joop Zoetemelk uit 1980. In de tentoonstelling wordt een beroep gedaan op de wielertalenten van bezoekers van alle leeftijden: zij kunnen zwoegen op een etappe in de Alpe d’Huez, over de kinderkopjes denderen op een speciaal ontwikkelde kasseienfiets en sprinten in het Holland Sport Wielerspel.

Hollands glorie

In ‘Tour Experience’ staan Nederlandse wielerhelden centraal: Gerrie Knetemann, Peter Winnen, Hennie Kuipers, Michael Boogerd en Robert Gesink passeren de revue. Unieke wielervoorwerpen, zoals het rugnummer van Albert Gijssen uit 1936, de fiets waarop Jan Janssen in 1968 de Tour won en het horloge waarmee Wim van Est het ravijn in viel zijn aanwezig. In vogelvlucht is te zien hoe de wielerkoers vanaf de eerste Tourstart in Nederland in 1954 is veranderd. De fiets van Jan Janssen lijkt in niets op de aerodynamische exemplaren waar de Rabobankploeg vandaag de dag op koerst. Ook de gebreide wielertruien uit de collectie van verzamelaar Henk Theuns verwijzen naar lang vervlogen tijden.

Tourkaravaan

De Ronde van Frankrijk is in de tentoonstelling in de volle breedte zien. Naast renners en wielerploegen worden ook de verzorgers, sponsors en verslaggevers van de Tourkaravaan in de spotlights gezet. Het is immers een drukte van belang op het parcours van de renners. Volgauto’s van het peloton zijn tentoongesteld, net als de reglementen en perskaarten waar fotografen die op de motor meerijden zich aan moeten houden. Ook de soigneurs komen aan bod. Bezoekers kunnen op massagetafels plaatsnemen en krijgen uitleg over de verzorging en gezondheid van de renners. Wat eten en drinken zij tijdens de race? Wat voor impact heeft een beklimming in de Franse Alpen op hun fysieke gestel?

Test je wielertalenten

Jong en oud mag in ‘Tour Experience’ zelf ervaren hoe het is om deel te nemen aan ’s werelds grootste wielerkoers. De tentoonstelling daagt uit om op uiteenlopende fietsen zo hard mogelijk te trappen. Wielerfans kunnen zich inschrijven voor de ‘Tour de France 2010-pool’ en raden wie de gele, de groene of de bolletjestrui wint. De hoofdprijs is een gesigneerd Rabobank wielershirt. Voor kinderen is een eigen parcours door de tentoonstelling uitgezet. Zij mogen hun eigen wielertrui ontwerpen, in een behendigheidsspel etenstasjes vangen en zich als Tourwinnaar laten fotograferen op het erepodium. Als zij de route doorlopen hebben, ligt er een leuke gratis wielergadget op hen te wachten bij de kassa.

Trap-Je-Rot-Dag van 11.00 — 17.00 uur Op zondag 13 juni vindt in en rond de Kunsthal de Trap-Je-Rot-Dag plaats, met o.a. een Crazy Bike Race, demonstraties Urban Bike Polo, workshops eenwieler rijden en graffitikunstenaars die je fiets pimpen. Kom langs!

Kunsthal Rotterdam
Info: www.kunsthal.nl
open: dinsdag t/m zaterdag 10.00 - 17.00 uur, zon- en feestdagen 11.00 - 17.00 uur
05.06.10 t/m 29.08.10

-----------------------------------------------------------------------------------------------------------------  top ----

 

Lezingen organiseren?

Op zoek naar lezingen voor een volgend jaarprogramma van uw volksuniversiteit, bibliotheek, vereniging, ...? U vindt elders op onze site tal van lezingen, o.a. over de Zijderoute, de Transmongolische spoorlijn en Kunst in Moskou en Beijing.
Neem een kijkje op Educatie voor meer informatie.

-----------------------------------------------------------------------------------------------------------------  top ----

Najaar 2010


Madonna, 1896, lithografie

Edvard Munch groots in de Kunsthal

Dit najaar presenteert de Kunsthal Rotterdam een groots overzicht van de beroemde Noorse schilder Edvard Munch (1863-1944). Voor het allereerst in Nederland wordt er met ruim 150 schilderijen en werken op papier uitgebreid aandacht besteed aan het werk van Edvard Munch. De tentoonstelling laat een nieuw licht schijnen op zijn fascinerende oeuvre, dat bij het grote publiek vooral bekend is door het schilderij ‘De Schreeuw’ (1893).

Munchs werk is gebaseerd op persoonlijke obsessies, angsten en onzekerheden. Door de bijzondere kleuren en krachtige lijnvoering raken zijn schilderijen ons tot op de dag van vandaag. Edvard Munch is van grote invloed geweest op de ontwikkeling van het expressionisme aan het einde van de negentiende- en begin twintigste eeuw.

Alle werken in de tentoonstelling zijn afkomstig uit particuliere collecties en éénmalig voor deze tentoonstelling bij elkaar gebracht. De tentoonstelling is samengesteld door de Pinacothèque in Parijs.

Bij de tentoonstelling verschijnt een uitgebreide catalogus en worden verschillende activiteiten georganiseerd. Voor meer informatie www.kunsthal.nl

Kunsthal Rotterdam
Museumpark
Westzeedijk 341
3015 AA Rotterdam
open: dinsdag t/m zaterdag 10.00 - 17.00 uur, zon- en feestdagen 11.00 - 17.00 uur

18.09.10 t/m 21.02.11                                                                   

-----------------------------------------------------------------------------------------------------------------  top ----

Troostmeisjes

Jan Banning

Kunsthal Rotterdam presenteert de indrukwekkende portretserie van hoogbejaarde Indonesische vrouwen van fotograaf Jan Banning. De vrouwen zijn afkomstig uit Java, Sumatra en de Zuid-Molukken. Uit hun ogen spreekt hun verleden; de verdrongen geschiedenis van de ‘troostmeisjes’. In de Tweede Wereldoorlog zijn zij door de Japanse bezetter gedwongen tot prostitutie. Waar zo velen nog altijd zwijgen, hebben zij de moed na al die jaren hun pijnlijke verleden over het voetlicht te brengen. Banning doorbreekt met zijn foto’s het taboe dat op de geschiedenis van de duizenden troostmeisjes in Azië ligt. Banning geeft hen een gezicht.

Verborgen geschiedenis

Bannings portretten lijken ogenschijnlijk ‘normaal’. Van dichtbij legde de fotograaf de oudere Indonesische vrouwen vast. Ze kijken de fotograaf recht aan. Hun ogen spreken boekdelen. De vrouwen die Banning heeft gefotografeerd durven hun gezicht te laten zien en vertellen hun verhaal. Ze behoren tot een minderheid die de verborgen geschiedenis van de troostmeisjes in Indonesië zichtbaar maakt. Om hoeveel vrouwen het precies gaat is onduidelijk. In Azië zijn tijdens de Tweede Wereldoorlog tienduizenden ‘troostmeisjes’ tot prostitutie gedwongen. Alleen al in het toenmalige Nederlands-Indië moeten het er naar schatting twintigduizend zijn geweest. Het taboe op troostmeisjes is hardnekkig. Hun geschiedenis is bij veel mensen onbekend. Portretten

Fotograaf Jan Banning en journaliste Hilde Janssen reisden twee jaar door de Indonesische archipel op zoek naar vrouwen die hun geschiedenis uit de doeken willen doen. Bijna vijftig troostmeisjes laten zich door Banning portretteren. Aan Janssen vertellen zij hoe zij thuis zijn opgepakt of van de straat zijn geplukt door de Japanse bezetter. Ze zijn aan het werk gezet in streng bewaakte en gecontroleerde militaire bordelen. Een aantal belandde in informele bordelen in kazerneloodsen, fabriekshallen en tentenkampen of werd geselecteerd als bijzit van een of meerdere Japanse militairen.

In de tentoonstelling zijn de indringende portretten van voormalige troostmeisjes te zien. Sommigen hebben na de oorlog de heftige ervaringen diep weggestopt, de draad weer opgepakt, zijn getrouwd en hebben kinderen en kleinkinderen gekregen. Anderen lukt dat niet. Ze voelen zich gebrandmerkt. Ze konden niet meer teruggaan naar hun dorp, hebben geen kinderen kunnen krijgen. De vrouwen die in de openbaarheid traden en die Banning heeft mogen fotograferen zijn het gezicht van naar schatting tweehonderdduizend slachtoffers.

Jan Banning

Fotograaf Jan Banning exposeerde eerder in de Kunsthal met zijn projecten ‘Bericht uit Dickson, Malawi’ (2006) en ‘Bureaucratica’ (2008). Hij verwierf met de fotoserie van ambtenaren wereldwijde bekendheid. Diverse internationale collecties kochten foto’s uit de serie aan. Jan Banning is winnaar van de World Press Award (2004) en publiceerde zijn fotowerk in een groot aantal internationale bladen als Newsweek en New York Times Magazine.

Publicaties

Bij de tentoonstelling verschijnen twee boeken.
Het tweetalige fotoboek ‘Troostmeisjes / Comfort Women’, verschijnt bij Ipso Facto Utrecht / Seltmann+Söhne Lüdenscheid (ISBN 978-90-77386-070-1). Daarnaast publiceert uitgeverij Nieuw Amsterdam ‘Schaamte en onschuld. Het verdrongen oorlogsverleden van troostmeisjes in Indonesië’ van Hilde Janssen, met foto’s van Jan Banning (ISBN 978-90-468-0713-2).

Documentaire

De NOS zendt in het kader van de jaarlijkse Indië-herdenking op 15 augustus 2010 een documentaire uit van Van Osch Filmprodukties, Den Bosch. Hij volgde Jan Banning en Hilde Janssen tijdens hun zoektocht in Indonesië.

Kunsthal Rotterdam
Museumpark
Westzeedijk 341
3015 AA Rotterdam
info: www.kunsthal.nl
open: dinsdag t/m zaterdag 10.00 - 17.00 uur, zon- en feestdagen 11.00 - 17.00 uur
24.04.10 t/m 29.08.10

-----------------------------------------------------------------------------------------------------------------  top ---- 

Utrecht


Charlotte Mouwens, 'And finally you know what it's all about' 2010

Goud - Vermeulen Brauckman Kunstprijs 2010

GOUD, het meest begeerde metaal dat de mensheid kent, schittert gedurende 6 maanden in een bijzondere tentoonstelling in Museum Catharijneconvent. Het museum heeft kunstenaar en vormgever AZIZ gevraagd een hedendaagse visie op het gebruik van goud te geven. Met zijn artistieke associaties presenteert AZIZ een tentoonstelling die de gouden museumcollectie verrassend combineert en confronteert met oude, moderne en hedendaagse bruiklenen uit binnen- en buitenland.

Intrigerend goud
Wat betekent goud voor mensen? Welke krachten worden aan goud ontleend? En vooral: wat is de functie van goud? De traditie in religie laat zien dat goud het enige materiaal is dat waardig wordt geacht om het goddelijke te eren. Wat betekent goud buiten deze traditie en is de functie ervan in de loop der tijd veranderd? Vragen zijn er in overvloed. AZIZ geeft intrigerende antwoorden.

Gouden functie
Kronen, scepters, iconen, maskers en sieraden worden al eeuwenlang om verschillende redenen van goud gemaakt. Ook vandaag de dag vervult goud een belangrijke functie. Denk bijvoorbeeld aan de Olympische gouden medaille van Nicolien Sauerbreij, een verguld masker van Michael Jackson, een gouden laptop, gouden gezichtscrèmes of een gouden modecollectie van AZIZ. Dit is allemaal te zien tijdens GOUD.

Eigentijds goud
Naast de associaties van AZIZ komt ook de cultuurhistorische achtergrond van gouden voorwerpen aan bod. Eigentijdse kunstenaars als Frank Tjepkema, Sylvie Fleury en Ted Noten geven bovendien een aanvullende reflectie op goud. De combinatie van al deze objecten maakt de tentoonstelling tot een uniek concept waarbij verbazing, bewondering en begeerte hand in hand gaan.

Gouden samenwerking
In een bijzondere samenwerking bundelen Museum Catharijneconvent en het Geldmuseum in Utrecht hun krachten in GOUD. Met een tijdelijke ‘dependance’ maakt het Geldmuseum de waarde van goud zichtbaar. Omringd door de totale bovengrondse goudvoorraad op aarde blijkt hoe schaars goud eigenlijk is. Niet alleen wordt zichtbaar waar al het bovengrondse goud zich bevindt, maar ook welke waarde het vertegenwoordigt. Bovendien stelt het Geldmuseum de vraag ‘Wat doe jíj met goud?’ en - wellicht belangrijker nog: ‘Wat doet goud met jou?’.

Extra: uw entreekaartje voor GOUD levert eenmalig 50% korting op bij een bezoek aan de tentoonstelling EyeCathers in het Geldmuseum. Komt u met een kaartje van het Geldmuseum dan krijgt u 50% korting op de entree voor GOUD (deze korting geldt op het volwassentarief en het kindertarief).

Gouden Kalveren
Alle 18 uit te reiken Gouden Kalveren van het Nederlands Film Festival zijn tijdens de zomer op bezoek in de schatkamer van het museum. Op 29 september worden ze in een parade overgebracht naar de Stadsschouwburg voor de uitreiking op 1 oktober. De Gouden Kalveren van Anneke Blok voor Beste Actrice in de speelfilm Tiramisu (2008) en Carice van Houten voor Beste Actrice in Zwartboek (2006), zijn gedurende de gehele tentoonstelling te bewonderen.

Extra: in de tentoonstelling is een korte film te zien over de totstandkoming van een Gouden Kalf. Hierin krijgt u een bijzonder kjikje achter de schermen en ziet u Theo MacKay aan het werk bij het gieten van de kalfjes.

Gouden activiteiten
Museum Catharijneconvent biedt tijdens de tentoonstelling een uitgebreid gouden activiteitenprogramma aan. Zo kunnen bezoekers zelf voorwerpen vergulden, zijn er lezingen, stadswandelingen en rondleidingen. Kinderen kunnen op zoek naar de verdwenen goudschat en deelnemen aan gouden workshops.

Gouden glossy
Bij GOUD verschijnt eenmalig een gelijknamige exclusieve glossy waarin onder meer de tentoonstellingsthema’s centraal staan. Wat goud met mensen doet, komt ook uitgebreid aan bod. Gerenommeerde fotografen brengen deze thema’s in beeld en aansprekende personen vertellen vanuit een bijzondere invalshoek over hun beleving van goud. Vanaf eind juni verkrijgbaar in de museumshop voor € 5,95. Vanaf september ligt de glossy ook in de winkels.

Kostbaarder dan zuiver goud
Tegelijkertijd met GOUD zijn de genomineerde werken te zien van de Vermeulen Brauckman Kunstprijs 2010. De Vermeulen Brauckman Kunstprijs wil hedendaagse kunstenaars stimuleren om werk met een religieus thema te produceren. Het thema is dit jaar ‘kostbaarder dan zuiver goud’ (Job 28:19). De jurywinnaar ontvangt een prijs van € 7500. Het publiek kan dit jaar ook een stem uitbrengen op de kunstenaar die dit thema het best heeft verbeeld. De publiekswinnaar ontvangt € 2500. Stemmen kan van 13 juni tot en met 13 september 2010. Op 17 september worden de winnaars bekendgemaakt.

 Exposerende kunstenaars: Aziz - Sylvie Fleury - Charlotte Mouwens - Ted Noten - Mischa Rakier - Frank Tjepkema 

Museum Catharijneconvent
Lange Nieuwstraat 38
3512 PH Utrecht
 open: di t/m vr 10.00-17.00, za, zo en feestdagen 11.00-17.00, Gesloten op maandagen, 1 januari en 30 april, entree, Volwassenen € 9,00, 65+, U-pas, Groepen v.a. 20 personen € 7,50, 6 t/m 17 jaar en CJP € 4,50
13.06.10 t/m 06.01.11

 -----------------------------------------------------------------------------------------------------------------  top ----

Rietveldjaar

Vanaf 24 juni viert Utrecht met een uitgebreid programma het jaar van architect/meubelmaker Gerrit Rietveld (1888-1964). Het Centraal Museum, dat de grootste Rietveldcollectie ter wereld in zijn bezit heeft, heeft alle honderd gebouwen van Rietveld in Nederland in kaart gebracht. In een speciale iPhone-applicatie zijn ze nu met behulp van een navigatiesysteem te vinden. Later dit jaar is er een grote expositie Rietveld Universum en verder zijn er rondleidingen, lezingen, fiets- en wandeltochten en de 'landjuwelen' in Utrecht, Amersfoort en de Utrechtse Heuvelrug te bezoeken.

Info: www.rietveldjaar.nl

 -----------------------------------------------------------------------------------------------------------------  top ----

 
Marlene Dumas

Op papier gezet: Van Daniëls tot Dumas, van Schleiffert tot Schoonhoven

Hoe divers hedendaagse kunstenaars omgaan met het medium van de tekening laat het Centraal Museum zien met de tentoonstelling Op papier gezet. Van Daniëls tot Dumas, van Schleiffert tot Schoonhoven. Zo is er een meterslange tekening te zien, maar ook een serie kleine werken en is er kleurrijk werk naast werk dat enkel in grijs potlood is uitgevoerd. Met de tentoonstelling viert het Centraal Museum het 25-jarige bestaan van de Verzameling Hedendaagse Tekeningen van de Provincie Utrecht. Het is de enige collectie die zich specifiek op het verzamelen van tekeningen richt en consequent jaarlijks is uitgebreid met nieuwe aankopen.

Tentoonstelling Op papier gezet
Op papier gezet. Van Daniëls tot Dumas, van Schleiffert tot Schoonhoven toont samenhangende tekeningen bij elkaar, waardoor onderlinge contrasten worden versterkt en het unieke karakter van elke tekening wordt benadrukt. De tentoonstelling is ingedeeld in de categorieën figuur, landschap, portret, vertelling, bouwwerk en structuur. Binnen elke categorie zijn tekeningen geselecteerd, die aansluiten op het thema, maar ook een enorme diversiteit laten zien wat grootte, compositie, kleur en materiaalgebruik betreft. Zo is er een meterslange tekening van Jasmijn Visser, maar ook een serie kleine tekeningen van Marcel van Eeden en contrasteert de kleurrijke tekening van René Daniëls met de tekening van Henri Jacobs, die enkel in grijs potlood is uitgevoerd. In de categorie portret is zowel een portrettengalerij van striptekenaar Joost Swart, een tot in detail uitgewerkte portretten van Sierk Schröder, als een enorm zelfportret van Elly Strik te bewonderen.

Unieke Verzameling Hedendaagse Tekeningen
De Verzameling Hedendaagse Tekeningen van de Provincie Utrecht is vanaf 1985 ieder jaar structureel aangevuld met nieuw werk. Hoewel er binnen één medium wordt verzameld, is het verzamelbeleid hierbinnen vooral gericht op de diversiteit van het medium van de tekening. De rijke Verzameling Hedendaagse Tekeningen laat zien dat de tekening, die lange tijd slechts als voorstudie voor een schilderij of beeld werd beschouwd, nu de status van zelfstandig kunstwerk heeft.

Collectie Centraal Museum
De Provincie Utrecht heeft haar Verzameling Hedendaagse Tekeningen in bruikleen gegeven aan het Centraal Museum sinds 1990. In het Centraal Museum is de collectie goed op haar plaats, omdat de kunstenaars uit de verzameling ook met werk in de vaste collectie van het museum zijn vertegenwoordigd. Kunstwerken als de schilderijen van René Daniëls, de beeldhouwwerken van Carel Visser en de seriële tekeningen van Marcel van Eeden vormen een passende context voor de tekeningencollectie.

Catalogus
Bij de tentoonstelling verschijnt een catalogus die de volle breedte van de tekeningencollectie laat zien. De catalogus bevat een beschouwend essay over de tekening van Lex ter Braak, directeur Fonds BKVB, en een essay waarin Alex de Vries zijn visie op het kunstbeleid van de Provincie en de rol van de tekeningencollectie belicht. Daarnaast geeft het een overzicht van de complete collectie van de provincie, waarvan 25 tekeningen door middel van paginagrote afbeeldingen en tekstbijdragen van Carel Blotkamp, Marja Bosma, Alied Ottevanger, Wouter Prins en Alex de Vries worden uitgelicht. De catalogus is onder andere verkrijgbaar in de winkel van het Centraal Museum.
ISBN 978-90-5983-024-0, € 24,95

Exposerende kunstenaars: René Daniëls - Marlene Dumas - Marcel van Eeden - Henri Jacobs - Charlotte Schleiffert - Jan Schoonhoven - Sierk Schröder - Elly Strik - Joost Swarte - Jasmijn Visser 

Centraal Museum
Nicolaaskerkhof 10
3512 XC Utrecht
open: di t/m zo 11.00-17.00, gesloten op 25 dec, 1 jan en 30 apr, entree € 8,00, kinderen t/m 12 jaar € 2,00, € 6,00 voor: houders NS-, Rabo-, MJK-pas, jongeren 13-18 jaar, CJP, studenten, 65+, U-pas, CMClub: € 12,00 per jaar, hele jaar gratis toegang
19.06.10 t/m 12.09.10

 -----------------------------------------------------------------------------------------------------------------  top ---- 

 

Overig

 

Alfabetische volgorde overige plaatsnamen

 A - B           C - E           F - H           I - L           M - P         R - U           V - Z

 

A - B


Egill Jacobsen, 'Rood masker'

MASKERADE

Cobra’s spel met het masker

Van 12 juni tot en met 10 oktober 2010 vindt in het Cobra Museum de tentoonstelling ‘Maskerade. Cobra’s spel met het masker’ plaats. Een inspirerende en veelzijdige zomertentoonstelling over de relatie tussen Cobra en het masker: het masker als symbool voor vrije en spontane kunst. Bij de tentoonstelling is een leuk en uitdagend kinderprogramma ontwikkeld: ‘Expeditie Cobra’.
De tentoonstelling toont werken van Cobra naast primitieve maskers. De kunstwerken zijn van Ejler Bille, Eugène Brands, Corneille, Sonja Ferlov, Egill Jacobsen, Robert Jacobsen, Asger Jorn, Carl-Henning Pedersen, Anton Rooskens, Theo Wolvecamp en de aan Cobra verwante kunstenaar Piet Ouborg. Ook wordt bijzondere etnografica getoond: Afrikaanse maskers afkomstig uit een Deense Koninklijke verzameling, uit twee toonaangevende museumcollecties en uit de privéverzamelingen van Brands, Corneille, Jan Nieuwenhuijs, Ouborg en Rooskens. Eveneens zijn werken in bruikleen afgestaan door Deense en Nederlandse verzamelaars. In totaal zijn er zo’n 80 werken te zien.

De tentoonstelling wordt op 11 juni geopend door de Deense Ambassadeur in Nederland, H.E. mevrouw Kirsten Malling Biering.

‘Maskerade’ is een veelzijdige zomertentoonstelling: door de samenstelling, de leuke activiteiten voor kinderen en in z’n vorm. Er worden kunstwerken van Cobra getoond, voornamelijk uit de periode 1935 tot en met de eindjaren vijftig, met het masker als thema: schilderijen, werken op papier, sculpturen en – heel uniek – twee door Eugène Brands in de eindjaren veertig gemaakte experimentele maskers. Eén zo’n experimenteel masker is afkomstig uit de collectie van het Cobra Museum. Het andere kwam onlangs onverwacht tevoorschijn en wordt geleend. Maar ook door de opgenomen etnografica, waaronder maskers uit de privéverzameling van Zijne Koninklijke Hoogheid Prinsgemaal Henrik van Denemarken, Afrikaanse maskers uit het Koninklijk Museum voor Midden-Afrika uit het Belgische Tervuren en enkele bijzondere objecten uit de collectie van het Tropenmuseum Amsterdam is ‘Maskerade’ een tentoonstelling met meerdere gezichten.

Cobra en het masker

In de tentoonstelling wordt de uitzonderlijke connectie tussen Cobra en het masker aan de orde gesteld. Er is aandacht voor het ontstaan en de toepassing van een maskerbeeldtaal binnen de Deense moderne kunst in de jaren dertig en veertig, voor het specifieke gebruik van het masker als symbool, motief en uitdrukkingsvorm binnen de Nederlandse tak van Cobra en de verwante kunstenaar Piet Ouborg, alsmede voor de Cobrakunstenaar als verzamelaar van etnografische maskers.
De Deense kunstenaar Egill Jacobsen legde al medio jaren dertig in zijn werk de link met het masker. Zijn schreeuwende of lachende maskers, met hun felle kleuren, waren een eerste krachtig Deens antwoord op het werk van bewonderde meesters, zoals Klee, Miró, Ernst. In de winter van 1934 op 1935 raakte Egill Jacobsen tijdens een reis naar Parijs sterk geïnspireerd door Picasso. Daarna begon hij aan zijn barbaarse maskers, spontane uit de fantasie geboren wezens. De maskerschilderingen leidden overigens in 1938 tot het doek Obhobning (Opeenstapeling), een abstract expressionistisch werk met grote inspirerende kracht voor zijn groepsgenoten. Bij Picasso en tijdgenoten was het masker een middel om de werkelijkheid te deconstrueren; het primitieve als bevestiging van het moderne. Sinds Jacobsen zijn spontane werkwijze vond, wekte hij in zijn schilderijen een oude barbaarse Deense folkloristische wereld tot leven. Hij toont de maskers van het carnavalsfeest en de dans rond de kleurig getooide kerstboom – nog steeds een oud gebruik in Denemarken vol heidense primitiviteit en verbondenheid met de mythologische natuurbeleving. Het masker als drager van alle mogelijke ervaringen en uitdrukkingen, als symbool om zelf mythes te creëren. Zijn maskerwerken maakten grote indruk op zijn medeleden van de Deense Linien-groep, waaronder Asger Jorn, Ejler Bille, Sonja Ferlov, Carl-Henning Pedersen en Robert Jacobsen, die het masker op hun manier betekenis geven en verwerken. 
Rond 1948 maakten de Nederlandse experimentele kunstenaars kennis met de Deense avant-garde. Zij vonden hierin een bevestiging van hun eigen zoektocht naar een nieuwe, spontane kunst. Het waren met name Anton Rooskens, Corneille en Eugène Brands die zich in hun werk op Afrika en uitheemse culturen richtten. Anton Rooskens is een voorloper; hij schildert in 1945 het baanbrekende schilderij Les gens du soleil. En Karel Appel maakt eind 1947 primitief werk, “krachtiger dan Negerkunst en Picasso”. Het gebruik van het masker als symbool, motief en uitdrukkingsvorm moet in het werk van de Nederlandse Cobra gezien worden binnen de context van de karakteristieke beeldtaal met fantasiewezens.
Voor de Belgische tak van Cobra hadden het primitieve, de prehistorie en volkskunst minder betekenis. De Deense en Nederlandse experimentelen zien het masker als een universele uitdrukkingsvorm, een middel om de fantasie de vrije loop te laten.  

Persona

Het masker is op vele manieren verbonden met de geschiedenis en tradities van mensen en heeft diepere betekenissen. Ons woord ‘persoon’ is afgeleid van het Latijnse woord ‘Persona’, dat masker betekent en betrekking heeft op de essentie van iemands persoonlijkheid, identiteit. Bij velerlei gelegenheden spelen maskers een rol: bij feesten, in het theater, bij gebruiken in de diverse culturen. Maskers geven bescherming; ze worden gedragen door superhelden. In de moderne kunst werd het masker opgepakt door Picasso en James Ensor. Bij de tentoonstelling is een lespakket beschikbaar voor basisscholen.

Cobra Museum voor Moderne Kunst
 Sandbergplein 1
1181 ZX Amstelveen
open di t/m zo 11 – 17 uur
info:  www.cobra-museum.nl
12.06.10 – 10.10.10

-----------------------------------------------------------------------------------------------------------------  top ----

Mogens Balle: Een grote Deense onbekende

De Deense kunstenaar Mogens Balle (Kopenhagen 1921-1988) mag dan in Nederland relatief onbekend zijn. Dat is hij zeker niet in Denemarken en in Cobrakringen.
De internationale belangstelling voor Mogens Balle’s werk neemt vooral de laatste jaren flink toe. Het Cobra Museum introduceert deze grote Deense Cobrakunstenaar op Nederlandse bodem en brengt een omvangrijke overzichtstentoonstelling van zijn werk.
De ruim 80 kunstwerken in deze fantasierijke overzichtstentoonstelling zijn het resultaat van een bevlogen en experimenteel kunstenaarsleven.
Er worden voornamelijk olieverf schilderijen getoond; een aantal is gemaakt op rond formaat. De expositie bevat verder keramiek, bronzen sculpturen, gouaches, schetsen en gezamenlijk met andere Cobrakunstenaars gemaakt werk. Ook van de vele collectieve werken die hij maakte met Christian Dotremont zijn voorbeelden aanwezig. Het vroegste werk dateert uit 1938 en het laatste uit 1988. De reizende tentoonstelling is een samenwerking met drie Deense kunstmusea, waaronder het Carl-Henning Pedersen en Else Alfelts Museum uit Herning. De werken zijn in bruikleen afgestaan door vele Deense verzamelaars en galeries en zijn afkomstig uit ander buitenlands bezit.
De tentoonstelling wordt geopend in aanwezigheid van Grete Balle en Annemarie Balle, de vrouw en dochter van de kunstenaar.

Mogens Balle en Cobra
Mogens Balle maakte deel uit van Cobra, de kunsthistorische beweging die als een van de weinige kunstbewegingen uit de 20e eeuw bij voortduring en vanuit verschillende invalshoeken de belangstelling blijft opeisen. De oprichtingsprincipes zijn nog steeds vitaal, populair en revolutionair. Mogens Balle trad in 1949 toe en was zijn verdere leven een groot aanhanger en navolger van de idealen. Hij kwam met Cobra in aanraking door zijn beroemde landgenoot en vriend Asger Jorn.
Mogens Balle nam deel aan gezamenlijke projecten van de groep: de beschildering van het plafond van het weekendhuis in Bregnerød (1949), hij exposeerde samen met Jorn, Egill Jacobsen, Karel Appel en Corneille in de galerie van Pierre Loeb in Parijs (‘Cinq peintres de Cobra’, 1951) en droeg met tekeningen bij aan het laatst verschenen Cobra tijdschrift.
Zijn spontane poëtische schildertrant kwam vooral na Cobra tot volle ontplooiing.

Dialoog met Cobra
In het omvangrijke oeuvre dat na Cobra ontstond blijkt hoezeer Mogens Balle de dialoog met de Cobratraditie heeft voortgezet. Het werk getuigt van wat typisch en herkenbaar Cobra genoemd kan worden: een intensief kleurgebruik, materialiteit en een grote benadrukking van – rondvormige - fantasiefiguren. Vooral de intensieve experimenten met kleur van zijn mede Cobrakunstenaars maakten op Mogens Balle een diepe indruk. Uit zijn opgetogenheid over kleur haalde hij zijn inspiratie. Hij zette zijn schilderijen op met een verfkleur, luisterde als het ware naar die kleur en concentreerde zich op de emotie die hij wilde uiten. De andere kleuren mengde hij op het doek en ook het vormgebruik waren een logisch gevolg van het schilderproces. Het was hem te doen om het experiment in combinatie met het werken vanuit een spontaan gevoel. Een spontaan poëtisch gevoel dat hij vertolkte in kleur en vorm.

Het experiment stond centraal
Zijn leven lang liet Mogens Balle zich leiden door spontane kunst, direct en abstract. Hoewel zijn vroegste werken naturalistisch waren, was zijn benadering van de realiteit al ongewoon, door de keuze van het motief of het perspectief, of door een bijzonder kleurgebruik. Het werk in de aanloop naar de jaren veertig wordt in toenemende mate abstract en fantasierijk. Deze stijl heeft hij in de jaren vijftig, tijdens Cobra en later in de groep Spiralen, die door Asger Jorn werd opgezet bedoeld als een forum voor interactie tussen Deense en Europese kunst, verder ontwikkeld. Zijn directe leefomgeving en de natuur blijven inspiratiebronnen.

Samenwerkingen met Dotremont
Vooral met Cobra’s literaire leidsman, de schrijver filosoof Christian Dotremont, ontstond een hechte band. Dotremont was een groot liefhebber van zijn werk en inspireerde hem tot nieuwe ontwikkelingen. Samen maakten zij vele collectieve schilderijen en tekeningen, zogenoemde woord-schilderingen, waarin Dotremont korte speelse teksten en metaforen toevoegde aan de schilderingen of tekeningen van Balle.

De poëet
Mogens Balle benaderde de schilderkunst op een poëtische wijze; hij communiceerde zijn ervaringen en gevoelens. Vaak merkte hij op dat hij bij de toeschouwer het gevoel wist op te roepen dat hij in het schilderij had proberen te leggen. Ook de titels geven een hint. Hij zag zich niet geroepen zijn schilderijen uit te leggen, “anders had ik schrijver geworden.” Toch blijkt dit ten dele waar, want Mogens Balle schreef een aantal korte gedichten waarin hij zijn gevoelens en stemmingen uit.

Publicatie
Bij de tentoonstelling is een full colour catalogus verkrijgbaar met teksten van Hanne Lundgren Nielsen en Lars Olesen, directeur en conservator van het Carl-Henning Pedersen en Else Alfelts Museum, kunsthistorica Annemarie Balle en van Troels Andersen, voormalig directeur van het Silkeborg Kunstmuseum. ISBN 978-87-991355-5-4.

Cobra Museum voor Moderne Kunst
Sandbergplein 1-3
1181 ZX Amstelveen
open: di  t/m zo 11.00-17.00, gesloten op 25 dec, 1 jan en 30 apr, entree € 7,50
29.05.10 t/m 22.08.10

-----------------------------------------------------------------------------------------------------------------  top ----
 

Lezingen organiseren?

Op zoek naar lezingen voor een volgend jaarprogramma van uw volksuniversiteit, bibliotheek of vereniging? U vindt elders op onze site tal van lezingen, o.a. over de Zijderoute, de Transmongolische spoorlijn en Kunst in Moskou en Beijing.
Neem een kijkje op Educatie voor meer informatie.

-----------------------------------------------------------------------------------------------------------------  top ----
 

Dutch Graphic Design

Wat? De grote overzichtsexpositie van een eeuw grafische vormgeving

Voor? Iedereen die geïnteresseerd is in moderne geschiedenis en grafische vormgeving

 Het hart van het museum wordt gevormd door de semipermanente tentoonstelling 100 Years of Dutch Graphic Design. In drie zalen, samen goed voor meer dan zeshonderd vierkante meter, wordt de bezoeker meegevoerd langs bekende én onbekende hoogtepunten uit een eeuw graphic design. Een uniek historisch overzicht dat duidelijk maakt hoezeer de Nederlandse grafische vormgeving is verweven met de modernisering van de samenleving in de twintigste eeuw.

Graphic Design Museum
Boschstraat 22
4811 GH Breda

t/m 01.01.11

-----------------------------------------------------------------------------------------------------------------  top ----

 

Marc Mulders: Baest - Foto's van Geheim landschap

In 2008 ontvluchtte kunstenaar Marc Mulders (Tilburg, 1958) het drukke stadscentrum van Tilburg. Sindsdien bewoont hij één van de boerderijen op landgoed De Baest bij Oirschot. Deze parel in de natuur ligt als een verscholen, geheime kamer tussen rechte akkers en eentonige maisvelden.

Mulders beschouwt het bos van dit landgoed als zijn buitenatelier. Hij is daar vaak te vinden bij het ochtendgloren of tegen zonsondergang, ‘op de tijden dat nevel, mist en schemer voor mij het penseel ter hand nemen’, zoals hij schrijft. De grootse openbaringen aan licht en kleur die Mulders in het landschap ervaart, vangt hij met zijn schildersoog en registreert hij met de camera.

Dat heeft geleid tot een dertigtal groot formaat kleurenfoto’s, te zien op de tentoonstelling Baest – Geheim landschap. Ze gaan over het ritme van dag en nacht en van de seizoenen en zijn bestemd voor iedereen die nog niet bekend is met het natuurschoon van De Baest. Maar Mulders bedoelt ze ook als ‘helende beelden’, als tegengif voor de verstoorde harmonie in de natuur die de intensieve veeteelt heeft veroorzaakt en waartegen hij met hart en ziel actie voert.

Mulders’ niet eerder getoonde foto’s passen in een veelzijdig oeuvre waarvan zijn schilderijen de kern vormen. Van zijn toegepaste werk zal tevens een kleine selectie te zien zijn.

Bij deze expositie verschijnt het fotoboek Baest, met inleiding van de kunstenaar zelf en een bijdrage van columniste Dorien Pessers. Geheim landschap; het is verkrijgbaar in de museumwinkel.

Noordbrabants Museum
Verwersstraat 41
Den Bosch
open: di t/m vr 10.00-17.00, za, zon- en feestdagen 12.00-17.00, gesloten op 25 dec, 1 jan en tijdens Carnaval, entree € 7,00
08.05.10 t/m 29.08.10

-----------------------------------------------------------------------------------------------------------------  top ----

 

C - E


El Lissitzky, Proun, ca. 1922-1923. Foto Peter Cox
 

LISSITZKY +

Deel 1 – Overwinning op de Zon

Het Van Abbemuseum bezit een van de belangrijkste en grootste collecties ter wereld van de Russische kunstenaar El Lissitzky (1890-1941). Hij was misschien wel de meest dynamische kunstenaar van zijn tijd. Lissitzky is van groot belang voor het Van Abbemuseum. Zijn werk, zijn ideeën en zijn artistieke doelen komen sterk overeen met de betrokkenheid van het museum bij het experiment, bij radicale creativiteit en bij het publiek. Lissitzky maakte geen statische, afgeronde werken. Zijn creativiteit was dynamisch, openbaar, vol plannen en projecten, vol leven. Het museum wil dat leven – die vitaliteit - graag zichtbaar maken voor onze tijd. Het project Lissitzky + bestaat uit drie tentoonstellingen die de komende drie jaar, elk met een eigen thema, Lissitzky’s oeuvre in een nieuw licht plaatsen. Voor deze nieuwe presentaties wordt een hele verdieping van de Nieuwbouw van het museum opnieuw ingericht. In de eerste tentoonstelling staat Overwinning op de Zon, de futuristische opera die in 1913 voor het eerst in St. Petersburg werd uitgevoerd, centraal.

‘Overwinning op de Zon’

De Russische kunstenaar Kazimir Malevitsj ontwierp de meest fantastische kostuums en decors voor de eerste uitvoering in 1913. Na de Russische Revolutie werd deze opera voor de tweede keer uitgevoerd. Dat gebeurde in 1920 in Vitebsk door de leden van de beweging Unovis (pleitbezorgers van de nieuwe kunst), een groep kunstenaars die streefden naar een nieuwe en dynamische vorm van kunst. Geïnspireerd door deze uitvoering bedacht Lissitzky dat je het theaterstuk ook zou kunnen mechaniseren. Hij ontwierp een aantal figuren en een dynamische omgeving waarin deze geplaatst zouden kunnen worden. Het Van Abbemuseum bezit niet alleen het uiteindelijke resultaat, de Figurinnenmappe; een map met litho’s van een aantal personages uit de opera, maar ook de unieke ontwerptekeningen voor deze figuren en een aantal drukproeven.

Van vlak naar ruimtelijk

In de hele tentoonstelling worden ontwerpen van Lissitzky ruimtelijk gepresenteerd. In de eerste zaal worden bijvoorbeeld het rode en zwarte vierkant uit zijn boek Het verhaal van de twee vierkanten als kubussen uitgevoerd. In de rode kubus worden de ruimtelijke modellen van de Figurinnenmappe getoond. In de inleiding voor deze map geeft Lissitzky namelijk aanwijzingen aan degenen die op grond van deze afbeeldingen driedimensionale modellen zouden willen maken. Niemand heeft dat echter tot nu toe ooit gedaan. Het Van Abbemuseum heeft voor het eerst het initiatief genomen om een aantal van deze modellen te laten ontwerpen en uitvoeren. Ze worden geplaatst in het ruimtelijk mechaniek dat Lissitzky voor ogen had, zodat de bezoeker er omheen kan lopen. In de zwarte kubus wordt de reconstructie van de beroemde Proun ruimte uit de collectie getoond. In de directe omgeving van de rode en zwarte kubus worden de ontwerpen El Lissitzky, Proun, ca. 1922-1923. Foto Peter Cox getoond die betrekking hebben op wat er binnen de kubussen te zien is. In de tweede zaal wordt aandacht besteed aan Lissitzky als grafisch ontwerper, terwijl de derde zaal zijn internationale activiteiten belicht. In de vierde zaal zijn de architectuurontwerpen van Lissitzky te zien, samen met maquettes van een aantal ontwerpen van andere kunstenaars en architecten. Een meer dan manshoge maquette van het gebouw de Wolkenbügel wordt ook in deze zaal getoond. In het trappenhuis is op het raam het vergrote ontwerp van de Nieuwe Mens te zien en op de wanden twee vergrotingen per jaar van ontwerpen voor propaganda poster op de trams in Vitebsk. Zaal vijf is gewijd aan hoe de Lissitzky collectie in het Van Abbemuseum terecht is gekomen en in zaal zes kan het publiek aanvullende informatie vinden.
Buiten komt - speciaal vervaardigd voor de tentoonstelling - een zes meter hoge versie van de Grafdelvers (een van de Figurinnen) in de museumvijver te staan.

De tweede tentoonstelling (september 2010 tot september 2011) toont het werk van Lissitzky samen met dat van een aantal radicale vrouwelijke kunstenaars waarmee hij heeft samengewerkt, terwijl de derde (september 2011 tot september 2012) zich concentreert op de dynamische menselijke figuur.

Van Abbemuseum
Bilderdijklaan 10
Eindhoven
Openingstijden: Dinsdag t/m zondag 11.00–17.00 uur
Donderdag 11.00-17.00 uur
Op donderdagen is het museum geopend tot 21.00 uur en is de toegang gratis vanaf 17.00 uur.

Toegang
Volwassenen: € 8,50
Groepen van 15 of meer, 65 plussers: € 6
Studenten, CJP houders: € 4
donderdagavond van 17.00-21.00: gratis toegang (t/m 31/10/09)

19.09.09 - 05.09.10

Kijk voor meer informatie op www.vanabbemuseum.nl

-----------------------------------------------------------------------------------------------------------------  top ----

Lezingen organiseren?

Op zoek naar lezingen voor een volgend jaarprogramma van uw volksuniversiteit, bibliotheek of vereniging? U vindt elders op onze site tal van lezingen, o.a. over China, Tibet en Kunst in Moskou en Beijing.
Neem een kijkje op Educatie voor meer informatie.

-----------------------------------------------------------------------------------------------------------------  top ----

FREE SOL LEWITT

Door SUPERFLEX

Wat is een kunstwerk? Een idee of een object? Hoe worden kunstwerken gedeeld en gewaardeerd in onze hedendaagse samenleving?
Het Van Abbemuseum heeft het Deense kunstenaarscollectief SUPERFLEX uitgenodigd om een project te ontwikkelen met de collectie van het museum als uitgangspunt. Het resultaat is de tentoonstelling Tussen Minimalismen en een nieuw werk, FREE SOL LEWITT – een installatie die zij speciaal voor het tweede deel van Play Van Abbe ontwikkelden. Het museum wordt soms bestempeld als een gevangenis waarin het kunstwerk als een misdadiger is ‘opgesloten’. Met het project FREE SOL LEWITT vraagt SUPERFLEX het Van Abbemuseum op speelse wijze het werk Untitled (Wall Structure) , 1972 van de Amerikaanse kunstenaar Sol LeWitt ‘in vrijheid’ te stellen. SUPERFLEX richtte daartoe een werkplaats in waar replica’s van dit werk van LeWitt worden geproduceerd die vervolgens gratis op willekeurige wijze onder het museumpubliek worden verdeeld. Bezoekers kunnen zich inschrijven voor een exemplaar.
Een museum heeft tot taak ons culturele gedachtegoed te verzamelen en toegankelijk te maken om zo kritische reflectie mogelijk te maken. Op die manier kunnen frisse invalshoeken gepresenteerd worden en worden nieuwe ontwikkelingen op cultureel en maatschappelijk gebied mogelijk gemaakt.
Tegelijkertijd kan copyright wetgeving het soms onmogelijk maken voor het museum om zijn taak te volbrengen. Wat is de positie van het museum in ons huidig informatietijdperk waar de mogelijkheden om informatie te delen en uit te wisselen beperkt worden door economische belangen die beschermd worden door het copyright?
FREE SOL LEWITT wordt door SUPERFLEX in context gezet door de tentoonstelling Tussen Minimalismen. Deze tentoonstelling bevat werken uit de collectie van het Van Abbemuseum uit de periodes waarin de Minimal Art en Conceptuele kunst hoogtij vierden. De werken stellen onderwerpen aan de orde als (massa)productie, intellectueel eigendom, serialiteit en het kunstwerk als concept. Een seminar en een publicatie zijn onderdeel van FREE SOL LEWITT.


Van Abbemuseum
Bilderdijklaan 10
Eindhoven
Open: Dinsdag t/m zondag 11.00–17.00 uur Donderdag 11.00-17.00 uur
Op donderdagen is het museum geopend tot 21.00 uur en is de toegang gratis vanaf 17.00 uur.
Info: www.vanabbemuseum.nl

10.04.10 – ..09.10

-----------------------------------------------------------------------------------------------------------------  top ----

 

F - H


Een mooi ding: Ambacht, kunst, design 1890/2010

Geboeid door het terugkeren van ambachtelijke technieken in design en kunst richt Museum Hilversum de aandacht op deze ontwikkeling in de Nederland. Museum Hilversum bereidt een tentoonstelling voor over de periode van 1890 tot nu. Niet alleen de invloed van het (oude) ambacht wordt belicht. Zowel in de tentoonstelling als in de catalogus worden ook de culturele aspecten uit de periode 1890-2010 uitgediept. 'Een mooi ding' verheldert de blik op soms eeuwenoude ambachtelijke waarden binnen de Nederlandse kunst en ontwerpwereld en verrast de bezoeker met de nieuwe vondsten van de jongste generatie.
Vanuit alle hoeken van de wereld komen vakgenoten en belangstellenden naar Hilversum om het raadhuis van Dudok te bekijken. Het Rietveld Schröderhuis staat op de Werelderfgoedlijst van UNESCO. Hedendaagse vormgevers als Hella Jongerius en Piet Hein Eek vinden met hun ontwerpen moeiteloos de weg naar de internationale markt. De Design Academy te Eindhoven wordt in het buitenland gezien als het Mekka van creativiteit. Kortom: Nederland staat met architectuur en vormgeving op de kaart.

Verrijking en Vernieuwing
Museum Hilversum brengt in `Een Mooi Ding´ 120 jaar Nederlandse vormgeving in beeld. Parallel hieraan is er een overzicht gemaakt van de periode 1890-2010 op regionaal niveau.
De tentoonstelling maakt inzichtelijk hoe het ambacht zich in de twintigste eeuw in Nederland ontwikkelde en in hoeverre de Nederlandse vormgeving hierdoor is beïnvloed. En er wordt aangetoond hoe via vormgeving de industrie kan worden verrijkt en door ondernemerschap de cultuur kan worden vernieuwd.

Gesamtkunstwerk
Aanleiding voor de tentoonstelling is de 125ste geboortedag van W.M. Dudok (1884-1974), die in Hilversum ondermeer het beroemde raadhuis (1926-1931) heeft gebouwd; een totaalkunstwerk van ambachtslieden, kunstenaars en vormgevers.

Wisselwerking
Museum Hilversum presenteert de relatie tussen kunst en ambacht van het einde van de 19de eeuw tot aan de Tweede Wereldoorlog. Dan volgt de ontwikkeling van ambacht tot (zelfstandige) vormgeving en in de laatste decennia is te zien hoe vormgeving zich als kunstvorm gaat gedragen en de band met het ambacht weer aanhaalt.
Er ontstaat een visuele wisselwerking tussen stijlen, stromingen en technieken. Zo zullen meubels van Gerrit Rietveld en Tejo Remy naast elkaar worden getoond. Evenals de keramiek van Bert Nienhuis, Jan van der Vaart en Hella Jongerius, glas in lood en textiel van Chris Lebeau, Benno Premsela en Claudy Jongstra, grafische ontwerpen van Richard Roland Holst, Herman Hana en Anthon Beeke en glas van Andries Copier en Bert Frijns.
Van bekende Gooise vormgevers als Hil Andringa , Louis Bogtman, Jan des Bouvrie, W.M. Dudok, Jan Eisenloeffel, Kobus de Graaff, Maria van Kesteren, Rogier Martens, Niels en Sven, Mieke Pontier en Cor van Velsen zijn er ontwerpen te zien.
En er wordt aandacht besteed aan belangrijke fabrikanten en bedrijven als Begeer, Gispen, Koninklijke Tichelaar, Plateelbakkerij Zuid Holland , Studio Ditte, Veneta en Vescom. Steeds vergelijkt Museum Hilversum het ontwerp van toen met dat van nu.

Catalogus
Bij de expositie verschijnt een rijk geïllustreerde catalogus, geschreven door kunsthistorici, waarin drie periodes onder de aandacht zijn gebracht. In iedere periode heeft het ambacht een specifieke rol en een relatie met industrie en architectuur, die nader onderzocht zijn: de perioden 1890-1940, 1940-1980, 1980-2010.

Activiteiten en educatie
Er worden in april en mei een reeks lezingen over Nederlandse vormgeving gegeven. Vanaf 26 maart is er elke zondag een speciale rondleiding over de memorabilia van Dudok in het door hem ontworpen raadhuis. Er vinden rondleidingen plaats in gebouwen van tijdgenoten als Duiker, De Bazel en Berlage, waarbij de aandacht gericht is op het samengaan van architectuur, ambacht en vormgeving. Ook hedendaagse voorbeelden staan op de agenda, zoals de gebouwen van Neutelings Riedijk, Mecanoo en Van Velsen.
Voor het basis - en voortgezet onderwijs worden speciale lesprogramma’s ontwikkeld.

Symposium
Op 23 en 24 april 2010 vindt de eerste Dudok Biënnale plaats, een tweejaarlijks terugkerend symposium over actuele vraagstukken in de architectuur, stedenbouw en vormgeving. De architect, interieurontwerper en stedenbouwkundige Dudok is zowel voor de tentoonstelling als voor de biënnale een belangrijk referent. Hij staat voor het interdisciplinair samengaan van ambacht, kunst en industrieel vormgegeven producten zoals van Gispen. De biënnale brengt niet alleen het karakter van Hilversum als architectuurstad naar voren, maar maakt een koppeling met thema’s binnen de architectuur uit heden en verleden.

 Exposerende kunstenaars:
Hil Andringa - Anthon Beeke - Louis Bogtman - Jan des Bouvrie - Willem Marinus Dudok - Jan Eisenloeffel - Bert Frijns - Kobus de Graaff - Herman Hana - Hella Jongerius - Claudy Jongstra - Maria van Kesteren - Rogier Martens - Niels & Sven - Bert Nienhuis II - Mieke Pontier - Benno Premsela - Tejo Remy - Gerrit Thomas Rietveld - Richard Roland Holst - Jan van der Vaart 

Museum Hilversum
Kerkbrink 6
1211 BX Hilversum
open: di t/m zo 11.00-17.00, entree € 6,00

27.03.10 t/m 15.08.10

-----------------------------------------------------------------------------------------------------------------  top ----
 


 I - L


Berend Strik, 'Declared unobscene'

I'll be Blown - Op het lijf geblazen

"Bijna 100 jaar nadat Petrus Marinus Cochius directeur werd van de glasfabriek Leerdam en zo'n vijfenzestig jaar na het einde van de oorlog is de wereld voorgoed veranderd. Alles is bedacht, alles is ontworpen, alles is bereikbaar. Waar wij ooit vochten om de wereld beter en gelijker te maken staan wij nu middenin de middelmaat waarin onze idealen resulteerden. Het schoone bracht geen heil, de industrie bleek een onstuitbaar voortdenderende draak. Waar liggen onze nieuwe idealen? Hoe onderscheiden wij ons nog? Algemene idealen die ons levenslang verbonden; de fabrieksbaas die je je hele leven zou beschermen; de gemeenschap die je in de gaten hield en de pindakaas op je brood, ze zijn verdwenen. We hebben geen gezamenlijke doelen meer. We hebben dertig soorten boter. Staan met ons rug tegen de muur. We trekken ons terug op ons eigen ik en spelen ons eigen masker. Ik ben mijn lichaam en blaas mijn bel."
Vanaf het voorjaar van 2008 heeft het Nationaal Glasmuseum tientallen ontwerpers, kunstenaars, studenten, mode- en sieraadontwerpers gevraagd om in de Glasblazerij Leerdam nieuw werk te maken met als opdracht: Op het lijf geblazen. Door deze onmogelijke vraag – vloeibaar glas is zo'n 1200 graden heet – werden zij geprikkeld om na te denken over de toepasbaarheid van glas op het menselijk lichaam. Sommigen namen de opdracht letterlijk zoals Klavers van Engelen met hun grote constructieve sieraden die een jurk op haar plaats houden, of Berend Strik die de censureringen in Indiase pornoplaatjes gebruikte om glazen objecten met "uitstekende pasvorm" te maken, als stukjes suikergoed. Anderen maakten een masker om zich achter te verschuilen of een nieuwe identiteit aan op te hangen zoals Walter van Beirendonck. Weer anderen dachten na over de zintuigen zoals Simone van Bakel met haar bellen waarin ze haar handen, armen, knieën schouders en enkels afdrukte en voorzag van een kortgeschoren, zachte, blauwe vacht. Peik Suyling liet zich inspireren door zijn kinderen en maakte zijn eigen urnen in de vorm van uitzinnige bloemen.
Op het Lijf geblazen, dat begon als een eenduidig onderzoeksproject, kreeg steeds meer lagen van betekenis. Gaandeweg ontstond een collectie van objecten die ons verteld over wie wij zijn en wat wij willen. I'll be Blown.
I'll be Blown is een studie van onszelf. Zochten we honderd jaar geleden het goede in de natuur en in God. In de jaren vijftig en zestig hadden we het ideaal van de samenleving die we weer op mochten bouwen, vorm konden geven. Waar Goed Wonen ooit schreef "Ik kan wonen", lees je nu online "Ik kan lifestylen" en waar Descartes ooit zei "ik denk, dus ik ben" zeggen we nu "ik kies, dus ik ben".
Deelnemende kunstenaars: Simone van Bakel, Andrea Bandoni en Joana Meroz, Maria Blaisse, Walter van Beirendonck, Anna ter Haar, Klavers van Engelen, Gerrit en Natasja, Naomi Filmer, Evert Nijland, Dirk van Saene, Berend Strik, Peik Suyling, Terhi Tolvanen en Andy Wauman.
Daarnaast zijn projecten te zien van studenten van de Rietveld Academie en ArtEZ, Arnhem.

 Exposerende kunstenaars: Simone van Bakel - Walter Van Beirendonck - Maria Blaisse - Klavers van Engelen - Naomi Filmer - Joana Meroz - Evert Nijland - Berend Strik - Terhi Tolvanen - Andy Wauman 

Nationaal Glasmuseum Leerdam
Lingedijk 28
Leerdam
open: di t/m za 10.00-17.00, zo 12.00-17.00
23.06.10 t/m 27.03.11

-----------------------------------------------------------------------------------------------------------------  top ----

 

M - P

 


Ontwerp van Berlage voor hal van het museum op de Franse Berg, januari 1918, aquarel

Tentoonstelling over ontstaan van het Nationale Park De Hoge Veluwe en het Kröller-Müller Museum Otterlo

In 2010 viert het Nationale Park De Hoge Veluwe zijn 75-jarig jubileum, de aanleiding voor de tentoonstelling Het scheppen van een blijvend monument - Van landgoed tot nationaal park De Hoge Veluwe, geheel gewijd aan de bijzondere ontstaansgeschiedenis van het Park.
De tentoonstelling is te zien van 24 april tot en met 12 september 2010 in het Kröller-Müller Museum.
Aan het begin van de twintigste eeuw kochten Anton en Helene Kröller-Müller grote stukken land op de Veluwe. Ze richtten dit oorspronkelijk nogal ruige gebied in naar eigen inzicht en creëerden zo hun landgoed met een parkachtig aanzien. Ondanks het private karakter had het echtpaar een hoger doel: het scheppen van een "blijvend monument, waar natuur en kunst op zeldzame wijze vereenigd zouden zijn." De Stichting Het Nationale Park de Hoge Veluwe verwierf het landgoed in 1935. Vanaf dat moment is het toegankelijk voor bezoekers en behoort het aan 'de Gemeenschap'.
Het park kenmerkt zich door de prachtige natuur en door de kleine en grote 'monumenten' die op bijzondere wijze een plaats hebben gekregen. Hoewel volgens de Kröllers de Gemeenschapsgedachte vanaf het begin heeft gespeeld is het oorspronkelijk private karakter van het park nog steeds goed terug te vinden, al is het maar door de aanwezigheid van het Jachthuis St. Hubertus waar Anton en Helene Kröller-Müller enkele jaren woonden.
Met de tentoonstelling wordt de ontwikkeling geschetst van de ideeën die ten grondslag liggen aan de totstandkoming van het Nationale Park de Hoge Veluwe. Voorbeelden in woord en beeld geven inzage in de wijze waarop het park zijn uiteindelijke vorm heeft gekregen. Met behulp van brieven, documenten en werktekeningen worden plannen belicht die al dan niet verwezenlijkt zijn. Daarnaast geven historische foto’s een beeld van de ontwikkelingen in het park vanaf de eerste aankopen. In de tentoonstelling zal steeds aandacht zijn voor het privé karakter van het park tegenover de 'Gemeenschapsgedachte'.

Het Kröller-MüllerMuseum
Otterloo
 is geopend van dinsdag tot en met zondag van 10.00 uur tot 17.00 uur, de beeldentuin sluit om 16.30 uur.
Informatie voor het publiek: tel. 0318-591241 en www.kmm.nl

24.04.10 t/m 12.09.10
 

-----------------------------------------------------------------------------------------------------------------  top ----
 

R - U


 

 V - Z

 

-----------------------------------------------------------------------------------------------------------------  top ----
 

 

The-Artists.org     

This is a wonderful website for artlovers, art students, artists, arthistorians, large and small collectors, museumcurators, artgallery owners and exhibition organisers.
There are major modern & contemporary visual artists (up to 7000) to be found. The masters since 1900 are represented with their portrait and biography, with links to webresources to find anything you want to know about them, with images of their work, comprehensive biographies and articles, and if it exists, the artist 's personal website.

The-Artists.org biedt van 20e eeuwse en hedendaagse kunstenaars biografische gegevens en verwijzingen naar artikelen en exposities. Een must voor iedereen die meer wil weten over moderne kunst en kunstenaars!

http://www.the-artists.org

 

-----------------------------------------------------------------------------------------------------------------  top ----

 

BELGIË

 

ZWART

In het Modemuseum in Antwerpen opent op 25 maart ZWART. Meesterlijk Zwart in Mode & Kostuum. De expositie illustreert de geschiedenis van de kleur zwart met voorbeelden uit de schilderkunst en de historische en hedendaagse mode. Daarnaast zijn er topstukken te zien van hedendaagse ontwerpers die een speciale band hebben met zwart.
Uiteraard is Chanels 'little black dress' present, alsmede de meesters Kawakubo en Yamamoto.

Modemuseum
Nationalestraat 28
Antwerpen
open: di t/m zo 10.00-18.00u.
Info: www.momu.be
25.03.10 t/m 08.08.10

-----------------------------------------------------------------------------------------------------------------  top ----

 

BIËNNALE VAN DE SCHILDERKUNST

het sublieme voorbij 


Gustave Van de Woestijne, "Christus in de woestijn", 1939
Olieverf op hardboard, 122 x 169 cm
foto: Hugo Maertens

Net als twee jaar geleden organiseren het Museum Dhondt-Dhaenens en het Roger Raveelmuseum gezamenlijk een zomerbiënnale van de schilderkunst. Met dit project is het niet de bedoeling om het allerjongste en allerhipste schildersgeweld te etaleren, maar een subjectief onderzoek te doen naar een aantal sporen die de schilderkunst de laatste honderd jaar heeft gevolgd. Om de twee jaar wordt een bepaald uitgangspunt genomen om de schilderkunst op een originele manier te benaderen. In deze tweede editie maken we een wandeling doorheen de schilderkunst van de laatste decennia die als subliem wordt ervaren. De tentoonstelling wordt dan ook een zeer intense en introspectieve beleving waarbij de sacrale en sublieme betekenis van kunst in een nieuw perspectief wordt geplaatst.

Het Roger Raveelmuseum focust daarbij op het ingetogen karakter van bepaalde schilderswijzen en neemt de economie van de middelen als uitgangspunt voor zijn selectie. In het museum Dhondt-Dhaenens zal er een verrassende dialoog te zien zijn tussen het werk van een tiental kunstenaars, behorend tot verschillende generaties. Twee schilders uit de eigen verzameling, Gustave Van de Woestyne en Hippolyte Daeye, vormden hierbij het vertrekpunt van de selectie. Een spectaculair sculptuurproject van de Zwitserse kunstenaar Ugo Rondinone zal tevens te zien zijn in de tuin van het museum.

De biënnale van de schilderkunst 2010 toont op beide locaties werk van o.m. Hippolyte Daeye, Thierry de Cordier, Koenraad De Dobbeleer, Valerius de Saedeleer, Dirk De Vos, Ilse D´Hollander, Lucio Fontane, Mary Heilmann, Ann Veronica Janssen, Peter Joseph, Guy Mees, Roger Raveel, Gerhard Richter, Ugo Rondinone, Albijn Van den Abeele, Koen van den Broek, Gustave Van de Woestijne, Dan Van Severen, Michael Venezia en Christopher Wool.

Museum DD
Museumlaan 14
BE-9831 Deurle, België

-----------------------------------------------------------------------------------------------------------------  top ----

 

green summer

Eco art tentoonstelling

De Verbeke Foundation strekt zich uit over een 12 hectare groot natuurgebied. Dat is immens. Alleen al de overdekte tentoonstellingsruimten beslaan 20.000m². De stichting heeft zich op een paar jaar opgewerkt tot één van de grootste en indrukwekkendste Europese privé-initiatieven waarbij moderne en hedendaagse kunst een unieke setting krijgt in een ecologisch - en natuurrijk kader. Geert en Carla Verbeke hebben in Kemzeke voldoende plaats om eens voluit te gaan voor ecologie als tentoonstellingsthema.
Dat blijft nodig. Dagelijks worden we via de media bestookt met onheilspellend milieunieuws. Vele planten- en diersoorten worden zeldzaam of verdwijnen. IJskappen en gletsjers smelten snel. De zeespiegel stijgt navenant.  De massale ontbossing van de regenwouden gaat verder ten voordele van de landbouw. Dichter bij huis blijven onbeschermde parken en bossen gegeerde woonkavels.... Onze ecologische voetafdruk is schrikbarend groot, maar we consumeren dapper verder. De nieuwste olieramp in de Golf van Mexico doet ons even twijfelen en nadenken.  Maar het zal niet lang duren vooraleer de economie weer om olie zal smeken… Overheden en NGO’s proberen het tij te keren: het niet door de USA getekende Kyoto-Protocol, de mislukte Klimaatconferentie van Kopenhagen… de lijst is schier oneindig.

De ecologische uitweg

Met Green Summer wil de Verbeke Foundation een forum geven aan kunstenaars, architecten-ingenieurs  en designers die vanaf de jaren 1960 tot op vandaag bezig zijn met problemen als milieuvervuiling en klimaatverandering. Ze doen dat vanuit een opbouwende en optimistische visie. De mens kán creatieve oplossingen vinden om te overleven, om de ecologische achteruitgang ten goede te keren. Green Summer wil aantonen dat kunstenaars meer kunnen dan enkel kunstwerken creëren ter reflectie, ter discussie of als ‘trigger’ om de kijker bewust te maken. 

Green Summer presenteert installaties die werken op wind- of zonne-energie. In Kemzeke krijgt de praktische dromer de kans om de hernieuwbare energie te ontwikkelen middels een minimum aan kosten en zero vervuiling.

KEMZEKE, Verbeke Foundation
Info: http://www.verbekefoundation.com/
http://www.verbekefoundation.com/green_summer.html
29.05.10 t/m 31.10.10

 

-----------------------------------------------------------------------------------------------------------------  top ----



Persberichten voor Events en/of andere kunst- en cultuurinformatie kunt u zenden naar:
 

cedars@live.nl

 

Cedar Gallery is gratis
voor bezoekers, maar
kost de makers wel geld...
cedars.vrienden@live.nl

 

-----------------------------------------------------------------------------------------------------------------  top ---

 

Culturele Evenementen

Kunstenaars

Architectuur

Boeken

Design

Films

Fotografie

Letters

Schilderijen

Bomen

Religie

Thema's

China

Japan

Rusland